Internationaal overleg en samenwerking

Symposia en workshops

De COGEM heeft een drietal symposia georganiseerd in 2014. Ten eerste had de COGEM de eer om de 7th Meeting of the European Advisory Committees on Biosafety in the field of contained use and deliberate release of GMOs (7th MEACB) te organiseren. De MEACB is een één a tweejaarlijkse bijeenkomst van adviesorganen van de Europese lidstaten die zich bezighouden met de milieurisicobeoordeling van ggo’s. De COGEM is één van de oprichters van deze bijeenkomst. Het doel van de MEACB is om de risicoanalyse te versterken door ideeën, kennis en ervaringen uit te wisselen. Tijdens de tweedaagse bijeenkomst in Amsterdam is een groot aantal actuele onderwerpen de revue gepasseerd. Centraal stonden de nieuwe wetenschappelijke en technologische ontwikkelingen, en de consequenties daarvan voor de risicoanalyse en de regelgeving. Zo was er veel aandacht voor de stormachtige opkomst van technieken om gerichte veranderingen in het genoom te kunnen aanbrengen, het gebruik van replicerende virussen als gentherapeutica, en de laatste ontwikkelingen in het influenzaonderzoek. Ook is gesproken over veldproeven met genetisch gemodificeerde insecten, de mogelijke blootstelling van aquatische organismen aan gg-plantmateriaal afkomstig van akkers, en hoe in veldproeven onderzocht kan worden of andere insecten dan plaaginsecten nadelen ondervinden van de teelt van insectenresistente genetisch gemodificeerde gewassen. De COGEM kan terugkijken op een bijzonder succesvolle en leerzame bijeenkomst die heeft geleid tot het versterken van de onderlinge internationale contacten.

Voorafgaand aan de MEACB organiseerde de COGEM de internationale workshop ‘Stacked Bt genes: assessment of effects on non-target organisms’, samen met zusterorganisaties uit het Verenigd Koninkrijk (Advisory Committee on Releases to the Environment (ACRE), Spanje (La Comisión Bioseguridad (CNB) en België (Scientific Institute of Public Health (WIV-ISP)). In deze workshop stond de vraag centraal of Bt-eiwitten elkaars werkingsspectrum kunnen beïnvloeden en hoe daarmee omgegaan moet worden in de milieurisicobeoordeling van insectenresistente gg-gewassen die meerdere Bt-eiwitten tot expressie brengen (zie sectie ‘Beoordeling van mengsels’). Gewassen waarin meerdere Bt-genen ingebouwd zijn om resistentieontwikkeling bij het plaaginsect te voorkomen of om verschillende plaaginsecten te kunnen bestrijden, nemen de laatste jaren hand over hand toe. Een belangrijke overweging in de milieurisicobeoordeling is of ook andere insecten dan de plaaginsecten waartegen de Bt-eiwitten gericht zijn, nadelige effecten kunnen ondervinden van de eventuele teelt van het gg-gewas. De gepresenteerde gegevens en uitkomsten van de discussies in de workshop zullen verwerkt worden in een advies dat in het voorjaar van 2015 gepubliceerd zal worden.

Eind 2014 heeft de COGEM een internationale bijeenkomst (‘International workshop on a socio-economic assessment framework for GMOs’) laten organiseren over de ins en outs van een nationaal afwegingskader voor de teelt van gg-gewassen. Om de impasse rondom de besluitvorming over gg-gewassen in Europa te doorbreken, is besloten dat de lidstaten de bevoegdheid krijgen om teelt in eigen land te beperken of te verbieden op basis van andere dan veiligheidsoverwegingen. Indien de lidstaten hiervan gebruik willen maken, moeten ze dit in hun eigen wetgeving regelen. Op verzoek van de minister bracht de COGEM in 2009 een signalering uit met bouwstenen voor een EU duurzaamheidsbeoordeling van gg-gewassen. In het kader van de verandering van de Europese regelgeving is de COGEM in juli 2014 door IenM gevraagd om die signalering opnieuw onder de loep te nemen en waar nodig te actualiseren voor de Nederlandse situatie als input voor het opstellen van een (sociaal-economische) afwegingskader voor gg-teelt in Nederland.

De internationale workshop was gericht op kennis, ideeën en ervaringen uit te wisselen tussen wetenschappelijke experts en beleidsadviseurs en om elementen te identificeren die relevant kunnen zijn voor een sociaal-economisch beoordelingskader voor gg-gewassen in Nederland. Tijdens de workshop bleek dat het opstellen van een consistent afwegingskader geen eenvoudige zaak is. Er spelen tal van verschillende aspecten die onder meer betrekking hebben op het type van afwegingskader dat men voor ogen heeft, de juridische houdbaarheid, de consistentie in beleid en besluitvorming, en betrouwbaarheid van de te gebruiken gegevens. De bijeenkomst bleek zeer verhelderend en de uitkomsten waren een welkome en nuttige input voor de COGEM signalering die eind 2014 is uitgebracht.

Foto's